Identiteitskompas

 

Persoonlijke ontwikkelingsscan

 

 

Veel mensen merken dat hun inzicht al verder is dan wat hun systeem kan dragen.

Deze scan volgt hoe je systeem reageert wanneer spanning ontstaat.

 

Deze scan is gebaseerd op het Identiteitskompas, een ontwikkelingsmodel dat in mijn praktijk is ontstaan vanuit jarenlange begeleiding van mensen die vastliepen in terugkerende patronen.

Deze ontwikkelingsscan laat zien hoe jouw systeem reageert onder spanning en waar al ruimte ontstaat voor verandering.

 

Kies het antwoord dat het meest lijkt op hoe het bij jou gaat.

Je eerste reactie is vaak het meest eerlijk.

Waar herken je jezelf het meest in?

22 korte vragen – duurt ongeveer 3 minuten

 

 

 

Vraag 1 — reactie onder spanning

 

Wanneer iets persoonlijk wordt in een gesprek:

A Ik ga me aanpassen zodat het rustig blijft

B Ik ga uitleggen of analyseren wat er gebeurt

C Ik voel wat het met mij doet en blijf bij mezelf

D Ik trek me terug of sluit me af

 

 

Vraag 2 — relatie met eigen gevoel

 

Wanneer ik een beslissing moet nemen:

A Ik kijk eerst wat anderen nodig hebben

B Ik twijfel of mijn gevoel wel klopt

C Ik kan meestal voelen wat voor mij klopt

D Ik stel beslissingen liever uit

 

 

Vraag 3 — grenzen

 

Wanneer iemand iets van mij vraagt wat eigenlijk te veel is:

A Ik zeg meestal toch ja

B Ik zeg ja maar voel spanning

C Ik kan nee zeggen zonder mezelf kwijt te raken

D Ik vermijd de situatie

 

 

Vraag 4 — mentale activiteit

 

Na een gesprek dat spanning gaf:

A Blijf ik er lang over nadenken

B Vraag ik me af wat ik beter had kunnen doen

C Kan ik het meestal weer loslaten

D Probeer ik het niet te voelen

 

Vraag 5 — focus van aandacht

 

In contact met anderen merk ik vaak dat:

A Mijn aandacht automatisch naar de ander gaat

B Ik bezig ben het goed te doen

C Ik contact houd met mezelf én de ander

D Ik mezelf een beetje afsluit

 

Vraag 6 — zelfkritiek

 

Wanneer iets niet loopt zoals ik hoopte:

A Geef ik mezelf snel de schuld

B Denk ik dat ik het anders had moeten doen

C Kan ik mild blijven naar mezelf

D Probeer ik het weg te duwen

 

 

Vraag 7 — emotionele aanwezigheid

 

Wanneer er sterke emoties ontstaan:

A Probeer ik ze onder controle te houden

B Probeer ik ze te begrijpen

C Kan ik ze voelen zonder mezelf kwijt te raken

D Voel ik vooral weinig of niets

 

 

Vraag 8 — basisregulatie check 

 

Wanneer ik spanning voel in mijn lichaam:

A Wil ik dat het zo snel mogelijk stopt

B Probeer ik het te verklaren

C Kan ik erbij blijven zonder direct te reageren

D Raak ik het contact met mezelf kwijt

 

 

Vraag 9 — toepassen vs weten

 

Wanneer ik merk dat ik gespannen raak:

A Ga ik er vooral over nadenken

B Weet ik wat zou helpen maar doe ik het niet altijd

C Probeer ik bewust terug te komen naar mezelf

D Raak ik het contact met mezelf kwijt

 

 

Vraag 10 — verantwoordelijkheid

 

Wanneer ik merk dat oude patronen terugkomen:

A Hoop ik dat het vanzelf weer weggaat

B Zoek ik bevestiging dat ik het goed doe

C Probeer ik zelf te blijven oefenen met wat ik leer

D Vermijd ik het liever

 

 

Vraag 11 — lichaamsbewustzijn

 

Wanneer spanning oploopt:

A Zit ik vooral in mijn hoofd

B Merk ik het pas achteraf

C Kan ik het steeds eerder voelen

D Wordt alles een beetje vlak

 

 

Vraag 12 — pauze vermogen

 

Wanneer emoties oplopen:

A Reageer ik vaak direct

B Probeer ik het te controleren

C Kan ik soms eerst even pauze nemen

D Trek ik me terug

 

 

Vraag 13 — patroonherkenning

 

Wanneer ik terugval in oud gedrag:

A Zie ik het meestal niet

B Zie ik het achteraf

C Herken ik het steeds sneller

D Vermijd ik het om ernaar te kijken

 

 

Vraag 14 — eigen plek innemen

 

In contact met anderen merk ik dat:

A Ik mezelf snel aanpas

B Ik zoek of ik het goed doe

C Ik mezelf steeds iets meer blijf

D Ik mezelf afsluit

 

 

Vraag 15 — emoties dragen

 

Wanneer er sterke emoties opkomen:

A Probeer ik ze weg te drukken

B Probeer ik ze te begrijpen

C Kan ik ze steeds iets beter voelen zonder mezelf kwijt te raken

D Voel ik ze vaak niet echt

 

 

Vraag 16 — verantwoordelijkheid voor gevoelens

 

Wanneer ik me geraakt voel:

A Zoek ik vaak een oorzaak buiten mezelf

B Probeer ik te begrijpen waarom het gebeurt

C Kan ik zien wat het in mij raakt

D Trek ik me terug

 

 

Vraag 17 — emotionele draagkracht

 

Wanneer iets pijn doet:

A Wil ik dat het zo snel mogelijk stopt

B Zoek ik afleiding

C Kan ik het soms even laten bestaan zonder direct iets te doen

D Sluit ik me af

 

 

Vraag 18 — aanwezig blijven

 

Wanneer iets spannend wordt:

A Reageer ik automatisch

B Ga ik analyseren

C Kan ik steeds vaker even blijven

D Trek ik me terug

 

 

Vraag 19 — eigen richting

 

Wanneer ik keuzes moet maken:

A Kijk ik wat anderen verwachten

B Twijfel ik lang

C Voel ik steeds beter wat voor mij klopt

D Stel ik keuzes uit

 

 

Vraag 20 — bevestiging

 

In contact met anderen merk ik:

A Dat ik bevestiging zoek

B Dat ik wil weten of ik het goed doe

C Dat ik steeds minder bevestiging nodig heb

D Dat ik me afsluit

 

 

Vraag 21 — eigen plek

 

In groepen of relaties:

A Pas ik me vaak aan

B Observeer ik veel

C Neem ik steeds meer mijn eigen plek in

D Blijf ik op afstand

 

 

Vraag 22

 

Wanneer ik merk dat verandering nodig is:

A Hoop ik dat het vanzelf verandert

B Blijf ik zoeken naar antwoorden

C Ben ik bereid er echt mee aan de slag te gaan

D Stel ik het uit

 

 

Vraag 23 — omgaan met moeilijkheid

 

Wanneer iets tijd en herhaling vraagt:

A Verlies ik motivatie

B Stel ik het vaak uit

C Blijf ik oefenen ook als het langzaam gaat

D Vermijd ik het

 

 

Deze scan is bedoeld voor ontwikkeling, niet voor diagnose.

Hoe je jouw uitkomst kunt lezen

 

Kijk naar de letter die je het vaakst hebt gekozen.

 

Voor de meeste mensen ontstaat daar een duidelijk beeld:

Vooral A → systeem nog vaak in overleving

Vooral B → groeiend bewustzijn van patronen

Vooral C → regulatie en verandering in ontwikkeling

Vooral D → meer stabiliteit en verdere verdieping

 

Je hoeft het niet exact te tellen. Meestal is snel zichtbaar waar je jezelf het meest in herkent.

Twijfel je tussen twee? Kies dan de beschrijving die het meest lijkt op hoe je meestal reageert wanneer het moeilijk wordt.

 

Elke uitkomst laat een fase in ontwikkeling zien. Verandering blijft altijd mogelijk.

Waar je nu staat binnen het Identiteitskompas 

Dit laat zien waar je systeem zich nu bevindt en waar verdere ontwikkeling mogelijk wordt.

 

 

 

Systeem nog vooral gericht op overleving

(Wanneer je jezelf vooral herkent in A)

 

Waar je systeem zich nu lijkt te bevinden

Wat uit je antwoorden naar voren komt lijkt op een systeem dat nog veel energie nodig heeft om zich veilig te houden. Veel alertheid, veel aanpassen, veel nadenken of proberen het goed te doen.

 

Dat is geen karakter. Dat is wat er ontstaat wanneer iemand lange tijd heeft moeten overleven.

 

Wat dit meestal betekent

In deze fase ligt de eerste verandering meestal niet in nog meer begrijpen, maar in het langzaam leren terugkomen in jezelf wanneer spanning ontstaat.

 

Dat vraagt tijd. Herhaling. En bereidheid om kleine stappen werkelijk te oefenen.

 

Wat een volgende stap kan zijn

Voor sommige mensen is dit precies het moment waarop ze voelen dat ze hier niet meer alleen uit willen komen.

Als je voelt dat dit raakt aan waar je nu staat, kan een verhelderingssessie helpen om daar samen rustig naar te kijken.

 

Patroonbewustzijn in ontwikkeling

(Wanneer je jezelf vooral herkent in B)

 

Waar je systeem zich nu lijkt te bevinden

Je lijkt al te zien wat er gebeurt in jezelf. Patronen worden duidelijker. Je merkt waarschijnlijk sneller wanneer je terugvalt in oude reacties.

 

In het moment blijkt het vaak nog moeilijk om echt iets anders te doen.

 

Wat dit meestal betekent

Veel systemen blijven hier een tijd bewegen. Inzicht alleen verandert een oud systeem nog niet.

De beweging hier gaat meestal van begrijpen naar oefenen. Van weten naar doen.

 

Wat een volgende stap kan zijn

Wanneer iemand in deze fase bereid is om daar echt aandacht aan te geven, kan verandering vaak voor het eerst ook voelbaar worden in het dagelijks leven.

 

Als je voelt dat je daar serieus naar wilt kijken, kan een verhelderingssessie helpen om te zien wat daarin voor jou passend is.

 

 

Verandering in integratie

(Wanneer je jezelf vooral herkent in C)

 

Waar je systeem zich nu lijkt te bevinden

Wat uit je antwoorden naar voren komt is meestal te zien bij mensen die niet alleen willen begrijpen, maar ook bereid zijn om echt anders met zichzelf om te gaan wanneer oude patronen zich laten zien.

 

Er lijkt al meer bewustzijn te zijn.

Meer pauze.

Meer bereidheid om verantwoordelijkheid te nemen voor wat in jezelf gebeurt.

 

Wat dit meestal betekent

Dit is vaak de fase waarin verandering werkelijk mogelijk wordt. Hier ontstaat verandering wanneer iemand blijft oefenen, ook wanneer het ongemakkelijk wordt. Daar ontstaat de basis waarop identiteitswerk kan landen.

 

Wat een volgende stap kan zijn

Als je voelt dat dit past bij waar je nu staat, kan een verhelderingssessie helpen om samen te kijken of dit traject aansluit bij wat jij nu nodig hebt.

 

 

Stabiliteit en identiteitsverdieping

(Wanneer je jezelf vooral herkent in D)

 

Waar je systeem zich nu lijkt te bevinden

Je antwoorden laten vaak zien dat je al stappen hebt gezet in zelfontwikkeling en dat er al meer stabiliteit is in hoe je met jezelf omgaat.

 

Vaak betekent dit dat iemand zichzelf al beter kan dragen, ook wanneer spanning ontstaat.

 

Wat dit meestal betekent

In deze fase verschuift ontwikkeling van stabiliseren naar verdiepen.

Meer leven vanuit eigen richting. Meer keuzes maken vanuit wat van binnen werkelijk klopt.

 

Wat een volgende stap kan zijn

Voor sommige mensen werkt dit traject in deze fase niet als herstel, maar als verdieping.

Als je wilt onderzoeken of dat voor jou passend is, kan een verhelderingssessie daar helderheid in geven.

Deze scan kan richting geven. Verandering ontstaat wanneer iemand er werkelijk mee gaat werken.

 

Wil je hier persoonlijk naar kijken, dan kan een verhelderingssessie helpen om dit samen helder te krijgen.

Of lees eerst meer over hoe het identiteitsherstel traject is opgebouwd.

Dit traject is bedoeld voor mensen die bereid zijn werkelijk met zichzelf te werken.

Deze scan is een eerste oriëntatie binnen het Identiteitskompas.

Identiteitsherstel begint waar overleving niet langer de richting bepaalt.